Portugees zonder Grenzen A2.1 Overzicht
Les 1
Apresentações (1) (Voorstellingen (1))
Nacionalidades (1) (Nationaliteiten (1))
Profissões (1) (Beroepen (1))
Bevestigend/Vragend/Onkennend (1)
Bepaalde lidwoorden (1)
Vraagwoorden (1)
Tegenwoordige tijd (P.I): zijn (1), (mijn naam is)
Onderwerp persoonlijke voornaamwoorden/aanspreekvormen (1)
Les 2
Apresentações (2) (Voorstellingen (2))
Cumprimentos (Begroetingen)
Familia (Familie)
Nacionalidades (2) (Nationaliteiten (2))
Paises/Cidades (Landen/Steden)
Profissões (2) (Beroepen (2))
Bevestigend/Vragend/Onkennend (2)
Bepaalde lidwoorden (2)
Vraagwoorden (2)
Bevestigende vraagvormen
Voorzetsels (1)
P.I: zijn (2)
Onderwerp persoonlijke voornaamwoorden/aanspreekvormen (2)
Les 3
A Escola (1) (De School (1))
Dados Pessoais (Persoonlijke Gegevens)
Despedidas (1) (Afscheidsgroeten (1))
Idade (Leeftijd)
Bijwoorden van plaats
Onbepaalde lidwoorden
Hoofdtelwoorden (1)
Aanwijzende voornaamwoorden
Vraagwoorden (3)
P.I: hebben; regelmatige werkwoorden op -ar
Les 4
A Casa (Het Huis)
Cores (Kleuren)
Estações do ano (Seizoenen (1))
Overeenkomst bijvoeglijk naamwoord met zelfstandig naamwoord
Vraagwoorden (4)
Bezittelijke voornaamwoorden
Voorzetsels (plaats) (2)
P.I: zijn
Zijn vs. estar (1)
Les 5
Comida/Bebida (Eten en Drinken (1))
Datas (Data)
Dias da Semana (Dagen van de Week)
Meses do Ano (Maanden van het Jaar)
Refeicoes (Maaltijden)
Bijwoorden van tijd (1)
Hoofdtelwoorden (2)
Omschreven werkwoordsvorm: estar a + infinitief
Vraagwoorden (5)
P.I: regelmatige werkwoorden op -ar, vorm (er is)
P.I vs. omschreven werkwoordsvorm
Les 6
Aniversário (Verjaardag)
Comida/Bebida (Eten en Drinken (2))
Epocas festivas (Feestperiodes)
Estações do ano (Seizoenen (2))
Horas (Tijden)
Bijwoorden van tijd (2)
Wederkerende werkwoordsvervoeging
Vraagwoorden (6)
Voorzetsels (tijd) (3)
P.I: onregelmatige werkwoorden op -ar (1)
Wederkerende voornaamwoorden en hun plaatsing
Zijn vs. estar (2)
Les 7
Compras (Aankopen (1))
Dinheiro (Geld)
Vestuario (Kleding)
Hoofdtelwoorden (3)
Vraagwoorden (7)
Rangtelwoorden
P.I onregelmatige werkwoorden op -ar (2), regelmatige werkwoorden op -ar
Persoonlijke voornaamwoorden indirect object
Les 8
Cultura Portuguesa (Portugese Cultuur (1))
Movimentações (Bewegingen (1))
Tempos Livres (Vrije Tijd (1))
Omschreven werkwoordsvorm: gaan + infinitief
Trappen van vergelijking bijvoeglijke naamwoorden/bijwoorden (1)
Vraagwoorden (8)
Voorzetsels (4)
P.I onregelmatige werkwoorden op -er (2), werkwoorden op -er
Les 9
Comida/Bebida (Eten en Drinken (3))
Compras (Aankopen (1))
Dinheiro/troncos (Geld/Stammen)
Estabelecimentos comerciais (Commerciële Vestigingen)
Unidades de Peso (Gewichtseenheden)
Bijwoorden van tijd (3)
Gebiedende wijs (1)
Onbepaalde voornaamwoorden (1)
P.I onregelmatige werkwoorden op -ar (3), regelmatige werkwoorden op -ar
Les 10
Escritório (Kantoor)
Marcação/reservas (Afspraken/Reserveringen)
Meios de Transporte (Vervoermiddelen)
Negócios (Zaken (1))
Telefone (Telefoon (1))
Gebiedende wijs (2)
Voorzetsels (5)
Hulpwerkwoorden van modaliteit